Home
Gipsverband PDF Afdrukken E-mail

In het verleden hebben militair artsen belangwekkende uitvindingen gedaan.
Deze waren vaak het gevolg van opgedane medische ervaringen op het slagveld en waren allereerst bestemd voor de oorlogsgewonden. Veel van deze uitvindingen komen ook ter beschikking  van de civiele medische praktijk. Het gipsverband is een uitvinding die vanwege zijn eenvoudige en goedkope toepassing wereldwijd gebruikt wordt.

 

Dokter Antonius Mathijsen ( 1805 – 1878 ), uitvinder van het gipsverband.

Tekst: Karel Adams, medewerker Historische Verzameling Geneeskundige Dienst.
Fotografie: Jaap Brinkman, vrijwilliger Historische Verzameling Geneeskundige Dienst.

De in Budel geboren Mathijsen was 12 jaar oud toen zijn vader, een chirurgijn, op 1 februari 1818 op 56 jarige leeftijd overleed. Antonius heeft als kind waarschijnlijk al interesse gehad om het vak van zijn vader als geneeskundige, dat ook door vele van zijn voorouders en twee van zijn broers werd uitgeoefend, te gaan uitoefenen. Na de lagere school in Budel en vermoedelijk de Latijnse school te Weert gevolgd te hebben, kreeg hij zijn medische opleiding in de gasthuizen van Brussel ( 1823 – 1824 ) en Maastricht ( 1825 – 1826 ).
In 1827 werd hij, mede gelet op zijn reeds aanwezige medische kennis meteen in het vierde leerjaar toegelaten van ’s Rijks Kweekschool voor Militair Geneeskundigen in Utrecht.
Een jaar later slaagde hij al voor het examen en werd hij benoemd tot Officier van Gezondheid der 3de klasse. Hij begon zijn loopbaan als militair geneeskundige bij het regiment Zwitsers no.32 en werd regelmatig overgeplaatst. De in 1830 uitgebroken Belgische Opstand leidde tot zijn inzet bij een echte oorlog. Hierdoor werd hij in 1831 bevorderd tot tijdelijk Officier van Gezondheid der 2de klasse. Mathijsen was tijdens de expeditie naar België actief in de vesting Ieper en tijdens de Tiendaagse Veldtocht van 2 – 12 augustus 1831 bij het mobiele leger. Hier maakte hij van nabij de gevolgen van de oorlog en het leed van gewonden mee. Op 12 augustus 1831 kreeg hij de eervolle overplaatsing naar het Groot Rijks-Hospitaal te Utrecht. Hier bevonden zich veel gewonden van de Tiendaagse veldtocht. Vanwege zijn deelname aan de oorlogshandelingen van 1830 – 1831 ontving hij  het Metalen Kruis met als opschrift “ Trouw aan Koning en Vaderland “.
Behalve deze onderscheiding ontving hij nog twee eervolle vermeldingen vanwege zijn gedrag in de expeditie van 1830 en de Tiendaagse veldtocht in 1831.
In Utrecht trad Mathijsen op als waarnemer voor een Officier der 1ste klasse en hield hij klinische voordrachten waaruit zijn eruditie bleek.
In 1833 werd Mathijsen overgeplaatst naar de garnizoen - en hospitaaldienst in Utrecht. Een jaar later kreeg hij de rang van  Officier van Gezondheid der 2de klasse. In februari 1836 verliet Mathijsen de Domstad omdat hij was overgeplaatst naar het regiment Huzaren nr. 6, gelegen in Zutphen. Het was van hieruit dat hij op 24 augustus 1837 met de vermelding “ sehr gut “ promoveerde tot doktor medicinae aan de Universiteit van Giessen ( D ). Mathijsen was inmiddels 31 jaar en tien jaar werkzaam als militair geneeskundige.
Tot 1841 bleef dr. Mathijsen actief bij diverse legeronderdelen in Zutphen. In 1841 werd hij overgeplaatst naar het garnizoen te Venlo. Hier raakte hij bevriend met de lokale arts dr.J.P.H. van de Loo, een man die later een grote rol in zijn leven  zou gaan spelen.

Gedurende zijn diensttijd in Venlo werd hij drie keer onderscheiden. In 1847 tot Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw. In 1848 ontving hij het onderscheidingsteken voor 20 jaar officiersdienst. In dit zelfde jaar ontving hij de gouden medaille van de Maatschappij tot redding van drenkelingen vanwege het redden en weer bij bewustzijn brengen van een 6 jarig jongetje uit de Maas, met gevaar voor eigen leven.
In 1849 werd Mathijsen overgeplaatst naar Haarlem.
 
 
Image
Dr. A. Mathijsen
 
Geschiedenis van de uitvinding:

Reeds in de klassieke oudheid werd er geëxperimenteerd met verschillende spalkmethoden. Hippocrates had al een eigen methode met kruisverbanden om neusfracturen te behandelen.
In de loop van de 10e eeuw gebruikten Arabische artsen gips om breuken te behandelen.
In de Middeleeuwen ontwikkelde men verbanden verstevigd met leempap vermengd met bijvoorbeeld eiwit. Inmiddels werden in het begin van de 19e eeuw nieuwe vindingen uitgebracht om de ideale verbanden voor breuken te realiseren. Vanwege het vele oorlogsgeweld in de late 18e en begin 19e eeuw was het aantal militairen explosief gestegen en vonden de uitvindingen en toepassingen daarvan bijna allemaal in een militaire context plaats. Er werden voortdurend aanpassingen gedaan om het systeem  van
bandage amovible “ ofwel het immobiliserend fractuurverband in het Franse en Belgische leger verder te ontwikkelen. Wie de uitvinders hiervan waren blijft onduidelijk omdat het regelmatig voorkwam, dat iemand een uitvinding pretendeerde, die in feite al uitgevonden was. Ook Mathijsen kreeg in het begin na zijn uitvinding last van personen die zijn uitvinding betwistten.

Beroemde voorgangers:

Bij de behandeling van klassieke beenbreuken was het zaak om een breuk zo snel mogelijk te immobiliseren zodat de patiënt geen pijn meer leed, de patiënt vervoerd kon worden en de genezing kon beginnen. In geval van complicaties moest dit verband ook zonder schade voor het genezingsproces kunnen worden weggenomen, dit om het na behandeling weer te kunnen aanleggen. Dit dubbele probleem werd opgelost door de amovo/inamovible systemen. In deze ontwikkeling speelden  Frankrijk en België een voortrekkersrol.
Reeds tijdens de veldtochten van Napoleon in Spanje en  Midden-Europa voerde de hofchirurg J. Dominique Larrey experimenten uit met het reeds op het slagveld aanleggen van verbanden bij gewonde soldaten. De in Antwerpen werkzame chirurg Sommé zette een belangrijke stap door in 1827 een gemakkelijk opnieuw te gebruiken “ stijfselplakverband  “ aan te leggen waardoor de patiënt in staat was tijdens zijn herstel te lopen. Hierna verbeterde de Brusselse chirurg baron Seutin  dit procédé en werd de uitvinder van het
amovo/inamovo stijfeselverband “. Hij wist vanaf zijn eerste uitgebreide publicatie in 1840 iedereen te overtuigen van het grote belang van zijn uitvinding. Spectaculair was de methode van Seutin om het stijfselverband af te nemen ( amovo ) en weer te herplaatsen. Verder werd bij deze methode het verband voorzien van vensters om de genezing van het letsel te kunnen observeren en eventueel verder te behandelen. Toch had het verband enkele nadelen waaronder de traagheid van het hard worden van het verband. De patiënt moest twee tot drie dagen in de grootst mogelijke onbeweeglijkheid blijven liggen.
Deze onvolkomenheid werd door de uitvinding van Mathijsen  opgelost.

Het gipsverband:

In Haarlem experimenteerde Mathijsen met de behandeling van botbreuken met behulp van verbanden. Door Mathijsen werd in de bestaande verbandsystemen van de Belgische artsen Sommé en Seutin de door hen gebruikte stijfselpap vervangen door de grondstof gips. Daarnaast vond Mathijsen ook een betere grondstof voor het verband zelf door het gebruik van flanel of katoen in plaats van linnen. Voortbordurend op bevindingen van anderen en eigen experimenten kwam hij eind 1851 tot de uitvinding van een gipsverband dat voldeed aan de toenmalige eisen van eenvoud, snelheid en veiligheid. Zijn uitvinding bleek toepasbaar voor verschillende beenbreuken zowel in de militaire als civiele praktijk. Volgens overlevering kreeg Mathijsen zijn gips onder meer van uit zijn geboorteplaats Budel afkomstige en in Haarlem werkzame bouwvakkers.
Toen Mathijsen in januari 1852 met goed gevolg het examen aflegde voor Officier van Gezondheid der 1ste klasse bracht hij de Utrechtse examinatoren meteen op de hoogte van zijn vinding en demonstreerde hij zijn methode.   
In het medisch tijdschrift Repertorium van februari 1852 maakte Mathijsen zijn uitvinding voor het eerst door middel van een ingezonden brief wereldkundig. De als bescheiden en terughoudend gekarakteriseerde Mathijsen spreekt daarin over een “ misschien niet onbelangrijke wijziging in het aanleggen der onbeweeglijke verbanden bij beenbreuken “.

In mei 1852 publiceerde Mathijsen zijn eerste brochure over de uitvinding onder de titel:

Nieuwe wijze van aanwending van het gipsverband bij beenbreuken. Eene bijdrage tot de militaire chirurgie.

Nog datzelfde jaar verschenen er van Mathijsens hand een publicatie in enkele Franstalige medische tijdschriften in België en Frankrijk.
De Inspecteur van de Geneeskundige Dienst van de Landmacht stelde een commissie in om de waarde en doelmatigheid van het gipsverband te onderzoeken. In Nederland werden in 1852 verschillende succesvolle proeven genomen met de methode van Mathijsen.
In België, bakermat van een stijfselverband, werd de uitvinding van Mathijsen ook aan een onderzoek onderworpen. De Belgische onderzoekscommissie oordeelde echter ongunstig over het gipsverband. Waarschijnlijk had dit te maken met het gebruik van onjuiste middelen. De uitvinding werd in België  in tegenstelling tot Nederland tot teleurstelling van Mathijsen niet naar waarde geschat. Echter, zijn vriend de Venlose arts Van de Loo bood aan de bezwaren te weerleggen en door middel van gipsmodellen demonstraties in België te geven.
 
 
Image
Instructie voor het aanleggen van gipsverband
 
Van de Loo en zijn activiteiten:

Na de toestemming van Mathijsen reisde Van de Loo naar België, Duitsland en Frankrijk waar hij veel succes oogstte. Medio 1853 verscheen het rapport van de Nederlandse onderzoekscommissie, die concludeerde:

“ Naar ons inziens zal het gipsprocédé van den Heer Mathijsen als eene ware weldaad voor het menschdom in het algemeen moeten worden aangemerkt, terwijl het in het bijzonder van het uiterste gewicht belooft te zullen zijn voor de militaire practijk, vooral op het slagveld “.

De activiteiten van Van de Loo kregen intussen negatieve gevolgen voor Mathijsen. Een tweede Belgisch onderzoeksrapport ( 1854 ) roemde weliswaar de kwaliteiten van het gipsverband maar stelde de uitvinding op naam van Mathijsen en Van de Loo gezamenlijk.   
Van de Loo was het hiermee eens omdat hij van mening was dat hij zoveel verbeteringen had aangebracht, dat er sprake was van een nieuw gipsverband, een verband “ Van de Loo “. Tot zijn dood in 1883 is hij dit blijven volhouden en bestreed hij Mathijsen zowel in woord als geschrift. Mathijsen erkende terecht de verdiensten van Van de Loo voor de bekendmaking en verspreiding van zijn uitvinding maar vocht hem, mede vanwege zijn introverte karakter in de openbaarheid nooit aan.
Omdat Seutin zo’n furore had gemaakt met zijn uitvinding minimaliseerde hij aanvankelijk de te simpele oplossing van Mathijsen. Maar uiteindelijk moest de medische wereld de superioriteit van het gipsverband erkennen.


Dat Mathijsen de uitvinder van het gipsverband is staat buiten discussie. Dit verdient echter enige nuance. Reeds eeuwen werden gips of andere aanverwante producten aangewend in de orthopedische geneeskunde. Dit gebeurde echter niet systematisch. Het is uiteindelijk de verdienste van Mathijsen geweest om een ideale combinatie te realiseren van gips met zwachtels of verband. Uiteraard is deze vinding gebaseerd op bevindingen van zijn voorgangers zoals bijvoorbeeld Seutin.
Mathijsen vond uiteindelijk dé beste methode om patiënten met fracturen snel te immobiliseren. Zelf omschreef hij in 1852 bij de publicatie van zijn brochure de uitvinding als “ Nieuwe wijze van aanwending van het gipsverband bij beenbreuken “.

Mathijsen is voor zijn verdiensten op vele manieren onderscheiden. Zo was hij Officier van Gezondheid I Klasse bij het Nederlandse leger, Ridder der Orde van den Nederlandschen Leeuw, Ridder der Luxemburgsche Orde van de Eikenkroon, Bezitter der gouden medaille van de Nederlandsche Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst.
Daarnaast mag niet onvermeld blijven, dat Mathijsen samen met de bekende legerarts
Cornelis de Mooy en vele andere belangrijke heelkundigen wordt geëerd in de
Hall of Fame in Chicago.


Tenslotte:

Fragment inaugurele rede Polano, Leiden 8 oktober 1869:  

“ Over het karakter der moderne chirurgie “.

“ De chirurgie kan intusschen over nog andere hulpmiddelen beschikken dan het mes. Bovenaan sta het gipsverband. Wie den naam van Mathijsen noemt, heeft dien van een der weldoeners van het menselijk geslacht op de lippen. Na de chloroform ken ik geen middel, dat zooveel smarten gelenigd, zooveel ledematen behouden, zooveel levens gered, zooveel krachtige burgers voor den staat gespaard heeft. Hoort Langenbeck, en hij zal U zeggen, dat met het verband de krijgschirurgie een nieuwe phase is ingetreden.
Hoort Szymonowski, en hij zal U verzekeren, dat de ware behandeling der beenbreuken, en vooral de gecompliceerde, eerst met de kennis van het gipsverband aanvangt.
Hoort Weber, Billroth en wien niet, en zij zullen U verklaren, dat zij bij gewrichtsontstekingen geen werkzamer middel kennen. Er heerscht een zeldzame overeenstemming tussen de chirurgen van alle landen in de erkenning van de grote verdiensten deze vinding. Jammer maar, dat men de erkentelijkhied jegens den uitvinder zóózeer vergeet, dat zelfs de warmste buitenlandse lofredenaars van het verband de heugenis aan zijn naam schijnen verloren te hebben.
Laten wij, zijn landgenoten, ons tenminste niet aan dezelfde ondankbaarheid schuldig maken, en den naam van den waardigen man te allen tijde hoog in eere houden ! “.


Bronnen:
D. Spoelstra,  Dr. Antonius Mathijsen uitvinder van het gipsverband 1805-1878. leven en werken van een Nederlandse officier van gezondheid met als achtergrond de militair geneeskundige dienst in zijn tijd. Proefschrift ter verkrijging van de graad van doctor in de geneeskunde Rijksuniversiteit Utrecht, 19 mei 1970.

De uitvinder van het gipsverband: Dokter Antonius Mathijsen 1805-1878, project van de Geschied-en Heemkundige Kring “ De Goede Stede Hamont “ en de Heemkundekring
“ De Baronie van Cranendonck “. Publicatie ter gelegenheid van de herdenking 200 jaar geboorte van dokter A. Mathijsen.

Artikelen: Dagblad van het Oosten 23 mei 1970, Trouw en Telegraaf van 20 mei 1970.
 
Verhandeling over het Gipsverband door Dr. A. Mathijsen, ’s Hertogenbosch, 1857.  
 
Volgende >
kooiaapklein.jpg

Inlogformulier






Wachtwoord vergeten?
Nog geen account? Maak er één aan!

Who's Online

We hebben 3 gasten online